Sieben Landschaften, einer region
Dieser Text wird übersetzt auf Deutsch und wird März 2011 zur Verfügung stehen.
Leider steht ein Deutscher Text nicht zur Verfügung. Benutzen Sie für weitere Fragen bitte unsere e-mail Adresse communicatie@regiogroningen-assen.nl.
Onze regio onderscheidt zich in haar rijke verscheidenheid aan landschappen: het hoogveenlandschap, het esdorpenlandschap, het laagveenlandschap, Middag-Humsterland, 't Hoogeland, Duurswold en het veenkoloniale landschap. Opvallend is het contrast tussen stad en ommeland, dat zie je elders in Nederland niet meer. In Regio Groningen-Assen spannen we ons in om het buitengebied weer volop voor fietsers en wandelaars te ontsluiten. Veel van de kleine infrastructuur is in een halve eeuw ruilverkavelen verdwenen. Ons streven is het landschap weer toegankelijk te maken.
Sieben Landschaften, einer region
Legenda +
- Landschaften in unserer region
't Hoogeland
Het landschap van ’t Hoogeland
Ten noorden van het Reitdiep ontstond vanaf de middeleeuwen nieuw boerenland op de zeekleigronden: ’t Hoogeland. Oude zeedijken laten zien hoe in Noord-Groningen in de loop van de tijd een steeds groter gebied op de zee veroverd werd. Het gebied mist de kleinschaligheid van het oudere cultuurgebied aan de overkant van het Reitdiep. Hier op het ’t Hoogeland is het landschap efficiënt ingedeeld en laten de kolossale herenboerderijen zien hoezeer het de Groninger graanboeren een eeuw geleden voor de wind ging.
Duurswold
Het landschap van Duurswold
In het hart van de provincie Groningen ligt het voormalige veengebied Duurswold. Het is ingeklemd tussen ’t Hoogeland en het voormalige Bourtanger Moor. In Duurswold lag een rij zandruggen waar zich in de loop van de middeleeuwen voornamelijk vanuit ’t Hoogeland boeren vestigen. Zij ontgonnen deze streek. Vanuit de boerderijen ontstonden in Duurswold soms kilometerslange percelen, die steeds verder het veen in werden aangemaakt. De oude boerenerven regen aaneen tot langgerekte wegdorpen als Harkstede, Slochteren, Schildwolde en Siddeburen.
Hoogeveenlandschap
Het hoogeveenlandschap
Op de grens van Friesland en Drenthe lag eens een enorm veenmoeras. Het ontstond zo’n tienduizend jaar geleden. Na het einde van de laatste ijstijd kwamen de lage gebieden rond het Drents plateau vol water te staan. Het gebied vulde zich met een vele meters dikke veenpakket. Bruine waterstroompjes sijpelden uit het veen en zochten als beekjes hun weg naar beneden. Vanaf de zeventiende eeuw werden de venen op grote schaal ontgonnen. Het Fochterloërveen is één van de grootste levende hoogveenmoerassen die Nederland nog kent. Hier ontstonden beekjes als de Slokkert, één van de bronriviertjes van het Peizerdiep.
Laangveenlandschap
Het laagveenlandschap
Tussen de Drentse esdorpen en de Groninger klei ligt een uitgestrekt laagveengebied. Het veen ontstond omdat het water van het Drents plateau niet weg kon naar de Groninger kwelders. De mooiste voorbeelden zijn de Eelder- en Peizermaden. Alleen op zandruggen was bewoning mogelijk. Pas in de vorige eeuw slaagde men er in de waterstand onder controle te krijgen. Veel oude hooilanden werden ingepolderd. Tegenwoordig vindt er weer natuurontwikkeling plaats. En vaak in combinatie met het inrichten van waterbergingsgebieden.
Middaghumsterland
Het landschap van Middag-Humsterland
Vanaf ongeveer 500 voor Chr. waagden ondernemende boeren zich voor het eerst in de kwelders ten noorden van Drenthe. Het was een aantrekkelijke plek om te wonen. Want de zeeklei was vele malen rijker dan het Drentse zand. Om zichzelf en hun vee tegen het water te beschermen, bouwden ze hun boerderijen op wierden. Vanaf ongeveer het jaar 1000 werden de eerste dijken aangelegd. Deze maakten de wierden uiteindelijk overbodig. Het landschap van Middag-Humsterland is cultuurhistorisch zo belangrijk, dat het de status van Nationaal Landschap heeft gekregen.
Esdorpenlandschap
Het esdorpenlandschap
De voorlaatste ijstijd had onze streken tussen 300 duizend en 130 duizend jaar geleden in zijn greep. Er schoven honderden meters dikke gletsjers als bulldozers door het landschap. Ze vormden onder andere de Hondsrug. Het smeltwater vormde de stroomdalen van Peizerdiep, Eelderdiep, Drentsche Aa en Hunze. Sinds de vroegste prehistorie was dit gebied tussen veen en zee een aantrekkelijke woonplaats. In de beekdalen waren goede weilanden en hooilanden beschikbaar. Op de hogere plaatsen legden de boeren hun akkers aan. Bij de essen ontstonden in de vroege middeleeuwen de Drentse brinkdorpen.
Veenkoloniaal landschap
Het Veenkoloniale landschap
Tussen de Hondsrug en het esdorpenlandschap van Westerwolde, lag een belangrijk deel van Bourtanger Moor. De hoogveenmoerassen werden tussen 1600 en 1900 vanuit de stad Griningen ontgonnen. De rechtlijnigheid van kanalen en wegen laat geen misverstand bestaan over de invloed van de mens op het landschap. De Veenkoloniën horen tot de belangrijkste landbouwproductiegebieden van Nederland. Sinds jaar en dag is de fabrieksaardappel haar belangrijkste regioproduct.















